Plaatje 10

 
 
 
 
 

De helpende hand

 
Een zuivere geest is wat uiteindelijk overblijft. Niets kan de mens nu nog deren. Zuiverheid houdt gekunsteldheid buiten, Brengt al het andere tot bloei. En de mens biedt nu hulp zonder de bedoeling te helpen ... Met ontblote borst en op blote voeten komt hij naar de markt. Het gezicht met aarde besmeurd, het hoofd helemaal met as bestrooid. Zijn wangen onder de tranen van het machtige lachen. Zonder zich in te spannen voor geheimen en wonderen, brengt hij plotsklaps de dorre bomen tot bloei.

Recht in het gezicht springt de ijzeren staf vanuit de mouw. Nu eens spreekt hij mongools, dan weer chinees, met een machtig lachen op zijn wangen. Wanneer een mens de kunst verstaat zichzelf te ontmoeten en toch zichzelf onbekend te blijven zal de poort naar het paleis zich wijd openen.